Jan Mulder over het nemen van een Strafschop

Tijdens het voetbalseizoen 1995-1996 won Ajax na het nemen van penalties in Tokyo de wereldbeker voor clubteams en moesten Nederland en Ierland in een onderling duel in Liverpool uitmaken wie zich zou plaatsen voor het Europees Kampioenschap voor landenteams van 1996. Twee dagen voor deze wedstrijd besteedde Jan Mulder in zijn wekelijkse sportcolumn in de Volkskrant aandacht aan de kunst van het nemen van een strafschop.

Aanloopjes

ANFIELD is meer een 3-0 dan een 0-0 veld, maar het wordt woensdag, denk ik, toch een gelijkspel. Verlenging. Veel terugspeelballen aan de kant van de leren. Er wordt niet gescoord. Strafschoppen. Ieren blij. Het was hun enige kans en ze hebben 'm nu vrij voor doel liggen.
Coach Jack Charlton zondag op de persconferentie: 'Het is geen wedstrijd waarin je rustig kunt gaan wachten op de strafschoppen.' Jack gaat woensdag dus rustig achterin wachten op de serie strafschoppen. 't Is het enige waarin hij geïnteresseerd is; verstandige man.
Houdt Hiddink serieus rekening met de mogelijkheid van een beslissing door penalty's? Hoe bereidt hij de ploeg erop voor? Heeft het Nederlands elftal op strafschoppen getraind?
Is het trouwens mogelijk om op penalty's te trainen? Nee. Op het oefenveld ga je nou eenmaal niet gebukt onder de spanning van het moment en de druk van de miljoenen die naar jouw penalty kijken.
Dit is onzin. De strafschop is een onderdeel van het spel waarop heel goed kan worden geoefend, want het gaat altijd verkeerd door technische mankementen en verkeerde naleving van de regels, fouten die gemakkelijk vermeden kunnen worden. Het is jammer dat ik geen coach van het Nederlands elftal ben, met zo'n vent aan het roer zouden we de serie strafschoppen winnen.
't Is zo simpel. Een strafschoppenserie is geen loterij, het is vakwerk. Niemand beheerst het. Schromelijk worden de basisvoorwaarden genegeerd. Er is geen voetballer die eventjes over zo'n ding nadenkt. Lang nadenken hoeft niet, je bent er zo uit.
Maar zelfs de plicht van de klakkeloze naleving van de Wetten van de Strafschop, opgesteld door prof. dr J. Mulder, verbonden aan de Vrije Universiteit van Winschoten, kan de topvoetballer niet opbrengen. De duurbetaalde jongens weten vaak niet eens dat die wetten bestaan.
Zij gaan er van uit dat je bij een penalty wat geluk moet hebben en (erger) dat je een penalty 'mag missen' - geen collega zal je op de misser aankijken. Vervolgens doet men lukraak wat tijdens het aanloopje in de gedachten opkomt.
Vaak zie je dan de wreeftrap, een balbehandeling die Mulder in zijn proefschrift van 1975 ten strengste verbood. En toch zie je het elke zondag weer, de wreeftrap-penalty. Recht door het midden erin, diagonaal naast en over, tegen de lat, op de keeper, een loterij. Juist is natuurlijk de binnenkant van de voet, of, ten hoogste, de binnenkant wreef (de bal 'snijden').
Wat denkt bondscoach Hiddink van dit cruciale onderdeel van deze beslissende wedstrijd? Waarschijnlijk vindt Guus het een bijzaak. Het zou een wonder zijn als uitgerekend Guus Hiddink de trainer was die deze week efficiënte aandacht zou schenken aan de training op de strafschoppen. Ik geloof er niet meer in.
Er bestaat, ondanks de beroemde verhandeling van prof. dr Mulder, geen toptrainer die waardevolle aanwijzingen betreffende de penalty geeft. Ze worden niet gegeven uit onwetendheid, dát is zo opvallend in deze branche waarin miljoenen omgaan - ik bedoel, onze sponsoren hebben er baat bij dat Kluivert zijn penalty niet trapt zoals hij in Tokyo deed, maar dat hij zich aan de voorschriften houdt zoals die zijn neer gelegd in het proefschrift van Mulder.
Er is in negen van de tien gevallen zelfs sprake van zo'n fenomenale verwaarlozing van alle grondbeginselen van het profvoetbafiersschap, dat ik me kan voorstellen dat een directeur van een sponsor als de Nationale Nederlanden een memo aan Hiddink schrijft waarin de bondscoach vriendelijk doch dringend herinnerd wordt aan de grote belangen en dat het natuurlijk niet kan, dat de strafschoppen worden genomen met de instelling van vertegenwoordigers i.p.v. voetballers.
Spelers weten absoluut niet wat er aan de hand is wanneer de bal op de stip ligt. 'Ogen dicht' denken ze meestal. Á la Neeskens. Fout, fout! Hou op met dat amateuristisme, mensen. Hier komen nog een keer de Wetten van Mulder.
1. Neem een aanloop van vijf meter. (Er zijn slechts vijf linksbenige spelers ter wereld die het met minder kunnen en mogen.)
2. Neem een felle aanloop zoals Van Basten, geen specialist overigens. (Van Basten miste strafschoppen. Dat kan. Maar hij reduceerde de kans aanzienlijk, door correct aan de grondvoorwaarden te voldoen. Hij hoefde zichzelf geen enkel verwijt te maken als het misging.)
3. Gebruik de binnenkant van de voet. Dat is alles. De bal krijgt grote snelheid door de felle aanloop (het halve werk: we herinneren ons nog als de dag van gisteren, hoe professor Mulder tijdens zijn befaamd geworden rede in Winschoten 'het felle aanloopje' voordeed en met de bal een pipetje met een rode kleurstof van een stoel af schoot, hoewel hij nauwelijks zijn been naar achteren had gezwaaid. Mulder: 'Aanloopje goed, pipetje kapoet'- wie herinnert zich zijn legendarische woorden niet).
De man en zijn lessen zijn vergeten. In de dagelijkse praktijk van het profvoetbal, dat zogenaamd zo professioneel is geworden, zie je allerlei frivoliteiten die niets met het nemen van fatsoenlijke penalty's te maken hebben. Slappe aanloopjes, halfgare schijnbewegingen, wreef-geknal, ogen dicht, onderweg stoppen en van hoek veranderen.
Voordat hij vandaag in het vliegtuig naar Liverpool stapte, deed Guus Hiddink nog een laatste voor-bereiding. Het bleek van levensbelang te zijn voor Oranje. Hij kocht de Volkskrant.